TENTOONSTELLINGEN

PRIX DE PAUL

12 juli t/m 3 november 2024

In 1887 maakte Paul Tétar van Elven (1823-1896) zijn testament. Als hij ook zijn jonge tweede echtgenote Helena zou overleven, dan moest zijn woonhuis aan de Koornmarkt 67 in Delft een museum worden, waar zijn schilderijen en zijn verzamelingen getoond moesten worden. Daarnaast moest er ook een Paul Tétar van Elvenfonds komen, dat om de vier jaar een wedstrijd voor jonge kunstschilders moest organiseren. Degene die het beste historiestuk "uit den klassieken tijd" maakte, won een vierjarige beurs, waarmee men in het buitenland kon studeren, eerst twee jaar in België en Frankrijk en daarna twee jaar in Italië. Het Fonds zou worden beheerd door de Amsterdamse kunstenaarsvereniging Arti et Amicitiae, maar de bekroonde werken werden eigendom van het museum in Delft.


Pauls weduwe Helena Pitlo-van Duuren nam de wensen voor een museum en een fonds over in haar testament. Na haar overlijden in 1925 is het fonds opgericht. Tussen 1934 en 1988 zijn twaalf wedstrijden georganiseerd. De afbeelding toont DE VERLOREN ZOON van Jan Albert Engelchor (1920-1976) uit 1948. Vanaf 1970 werd gezocht naar een eigentijdse invulling. In 1982 was het thema zelfs erotiek!


Op de tentoonstelling PRIX DE PAUL worden de werken voor het eerst gezamenlijk getoond, in combinatie met historiestukken van Paul Tétar van Elven uit de periode 1845-1870. Alhoewel hij ook in andere genres werkte, bleek uiteindelijk zijn hart te liggen bij de historieschilderkunst. De PRIX DE PAUL was een nobele poging om dit genre nieuw leven in te blazen.